13
januari 2006. - Koninklijk besluit ter bepaling van de criteria voor
opstellen van de huisartsenwachtposten
ALBERT II, Koning der
Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige
verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, inzonderheid op
artikel 56, § 4, ingevoegd bij de wet van 11 juli 2005;
Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige
verzorging, gegeven op 25 juli 2005;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 4 oktober
2005;
Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting van 14 oktober
2005;
Gelet op het advies nr. 39.378/1 van de Raad van State, gegeven op 24
november 2005, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1. Voor de toepassing van onderhavig besluit
wordt verstaan onder:
1° de Minister : de Minister van Sociale Zaken;
2° de wet : de wet betreffende de verplichte verzekering voor
geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;
3° de tussenkomende partijen : de betrokken huisartsenkring of
kringen, de betrokken lokale overheid of overheden en één of meerdere
ziekenhuizen.
Art. 2. Onder de voorwaarden vermeld in artikel 56, §
4,
van de wet, en binnen de
perken van de beschikbare kredieten, kan de Minister met de tussenkomende
partijen overeenkomsten sluiten, waarvan de financiering ten laste genomen
wordt door de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, met het
oog op het toekennen van tussenkomsten voor de financiering van
huisartsenwachtposten.
Art. 3. De overeenkomst
bedoeld in artikel 1 omvat tenminste volgende elementen:
1° het bedrag van de tussenkomst;
2° de nadere regelen inzake het betalen van de betrokken tussenkomst
en het indienen van facturen;
3° de kwantitatieve en kwalitatieve evaluatiecriteria die de
evaluatie van het project toelaten met name :
a) de informatie voor de patiënten betreffende de
mogelijkheden en de voordelen van de door de huisartsen georganiseerde
wachtposten;
b) de bereikbaarheid van de wachtpost;
c) de kwaliteit van de interventie;
d) de veiligheid van de huisartsen, in het bijzonder op weg
naar en tijdens de huisbezoeken;
e) de samenwerking en de communicatie met de andere
zorgverleners, in het bijzonder de erkende huisartsen die het globaal
medisch dossier van de patiënten beheren en de spoeddiensten van de
ziekenhuizen;
4° de indieningsvoorwaarden voor een activiteitenverslag.
De overeenkomst wordt getekend door de Minister en de vertegenwoordigers van
de verschillende tussenkomende partijen vermeld in de tussenkomstaanvraag
bedoeld in het artikel 4, § 1.
Art. 4.
§ 1. De
aanvragen voor een tussenkomst ingediend met het oog op het sluiten van de
overeenkomst bedoeld in artikel 1 worden per aangetekend schrijven verzonden
aan de Leidend Ambtenaar van de Dienst voor geneeskundige verzorging, RIZIV,
Tervurenlaan 211, 1150 Brussel, binnen zes maanden na inwerking treden van
dit besluit.
§ 2. De tussenkomstaanvragen ingediend door de tussenkomende partijen
moeten aan volgende voorwaarden voldoen :
1° huisartsenconsultaties aanbieden;
2° beschikken over de nodige medische logistiek om een
behandeling toe te staan, zonder systematische verwijzen naar de
dichtstbijzijnde spoeddienst;
3° beschikken over een meertalig onthaal;
4° beschikken over verpleegkundig personeel;5
5° een overeenkomst sluiten met een of meerdere ziekenhuizen
om de patiënt indien nodig snel te kunnen doorverwijzen naar een ziekenhuis;
6° tenminste de weekends en feestdagen dekken, steeds met een
aanbod van toegankelijkheid tijdens de periode tussen 19 uur en 24 uur van
maandag tot vrijdag;
7° zich integreren in het project van de wachtpostrollen van
huisartsen van de zone, hetzij overdag (wachtrol via de consultatieperiode
zonder afspraak) of de nachten en het weekend (via de huisartswachtrollen
die vooraf in de betrokken zone per wachtpost georganiseerd zijn).
§ 3. De aanvragen tot tussenkomst bevatten ten minste de volgende
elementen :
1° een volledige beschrijving van het project waaruit blijkt
dat het voldoet aan de eigenschappen opgenoemd in § 2;
2° een voorbegroting;
3° een gesloten overeenkomst tussen de tussenkomende partijen
bedoeld in het artikel 56, § 4, van de wet. Die overeenkomst moet, tenminste,
de samenwerkingsregelen alsook de bepalingen getroffen met het oog op het
financieel beheer van de tussenkomst bedoeld in het artikel 2, omvatten.
§ 4. De analyse van de tussenkomstaanvragen zal gebeuren op basis van
de criteria van overeenstemming van het project met de voorwaarden bedoeld
in artikel 2.
Het vooraf bestaan van een pilootervaring van een wachtpost en het bevinden
van het project in een interventiezone van het federaal grootstedenbeleid,
zijn positieve waarderingselementen van het project.
§ 5. De aanvragen die niet voldoen aan de bepalingen van het
onderhavige artikel zijn niet ontvankelijk.
Art. 5. Elke zorgverstrekker die een
gezondheidsprestatie in de zin van artikel 34 van de wet uitvoert,
mag aan de
patiënten die worden behandeld in het kader van de krachtens onderhavig
besluit gefinancierde wachtposten, geen supplementen vragen op de
reglementaire prijzen en honoraria of die bepaald in een akkoord of
overeenkomst bedoeld in de artikelen 42 en 50 van de wet.
Art. 6. De duur van de overeenkomst
bedoeld in
artikel 3 bedraagt drie jaar, hernieuwbaar op basis van een evaluatie.
Art. 7. Onderhavig besluit treedt in werking
de dag waarop
het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 8.
Onze Minister
van Sociale Zaken en Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit
besluit.
Gegeven te Brussel, 13 januari 2006.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
R. DEMOTTE
