Syndicaat van Vlaamse Huisartsen vzw

 

 

Contacteer ons!  

                                            

     Start  

 


 

 

 

 

 

 

 

 

Vind hier het betreffende artikel uit AK

 

 Leuven, 2 maart 2005

  

Q wil Bf in de prullenmand.

Prima! Daar zijn wij ook voor. In ruil vraagt hij “responsabilisering van het voorschrijfgedrag”. Dat hij daar eens klare wijn over schenkt!

Wij zijn ook voor “responsabilisering”, indien het er over gaat dat een arts zijn verantwoordelijkheid opneemt voor de gemaakte voorschriften. En wij zijn er van overtuigd dat zowat elke arts zich op dit vlak  “verantwoordelijk” wil gedragen. Bij elk voorschrift zal een “verantwoordelijke arts” voor- en nadelen afwegen. Bij elk voorschrift zal een “verantwoordelijke arts” nagaan of dit voor de bewuste patiënt de beste keuze is. En ook wij geven toe, dat we af en toe op het ogenblik dat er een “herhaalvoorschrift” nodig is, vaststellen dat we beter een andere keuze maken. Dat is de normale gang van zaken wanneer we een chronisch probleem van een patiënt benaderen. De recente Evidence Based Medicine regels zijn daarbij normen, die heden ten dage vlotter bereikbaar zijn.  

Het is duidelijk dat Q slechts één type responsabilisering in het achterhoofd heeft. Het gaat hem over “besparingen”. Maar, beste Q, de artsen zijn er niet voor verantwoordelijk dat er van sommige medicaties 35 parallelle vormen bestaan, met evenveel prijzen en soms nog verschillende terugbetalingssystemen. De artsen zijn er niet voor verantwoordelijk dat van medicatie A, die we vaak voor korte therapieën voorschrijven, enkel grote verpakkingen bestaan; dat er van medicatie B, die we dan weer voor langere kuren nodig hebben, enkel kleine verpakkingen bestaan… De artsen zijn ook niet verantwoordelijk voor de prijssetting van nieuwe medicaties, die gebeurt immers op het Ministerie van Economische Zaken. Als je artsen wil responsabiliseren over dit aspect: dan ben je fout bezig Q. Voor deze aspecten zijn er andere verantwoordelijken.

Tenslotte vraagt Q in ruil een “betere a posteriori controle”. Mogen we hier ook wat uitleg bij vragen?

Wordt een advocaat ook “a posteriori” gecontroleerd over de adviezen die hij zijn cliënteel verstrekt? Hoe ga je dat realiseren zonder een nieuw administratief “gedrocht” te maken? En bovenal hoe wil je dat realiseren zonder de privacy van de patiënt te schaden? Want in dezelfde artsenkrant waarin het Q-interview verscheen staat het nogmaals beklemtoond: het respecteren van ons beroepsgeheim, is de diepste wens van onze patiënten.

Namens het voltallige SVH-bestuur.

Dr. K. Vandemeulebroeke, voorzitter SVH

 


Start | Contact | Lid zijn | Programma | Huisarts.be | Tarieven | Thema's | Acties | Jouw mening | Bestuur | Medi-nieuws | FAQ | Standpunten

   Deze site is eigendom van het SVH. Voor vragen over deze website kunt u contact opnemen via webmaster_svh@telenet.be.

                   Het SVH-vzw kan niet worden verantwoordelijk gesteld voor gebeurlijk verkeerd gebruik van deze site.    View My Stats